woensdag 15 mei 2013

Zen


Ik druk op de knop met de pijl naar ons toe. Aan de overkant wordt de loopplank volautomatisch ingehaald. Verder gebeurt er niets. Geen beweging. Als een ongeduldige Randstedeling druk ik nog een keer op de knop. Warempel, het maakt zich van de kant los. Langzaam maar gestaag komt hij onze kant op. ‘Ik denk dat we de trein van 5 over 4 niet gaan halen,’ zegt Josephine. Halverwege vindt er ineens een versnelling plaats. We zien de kabels aan onze kant sneller lopen. Het aanleggen duurt nog zo’n 2 minuten. We gaan aan boord. Josephine drukt op de knop met de pijl de andere kant op. De loopplank wordt opgehaald. Ha, dat is het geheim: ‘nadat de loopplank is opgehaald, nog een keer op de knop drukken’ luidt de instructie. Ik was dus niet ongeduldig; het was gewoon technisch inzicht. Terwijl we over de reling hangen, ploegt het pontje zich door de golven. Aan de overkant gaat weer automatisch de loopplank naar beneden. We stappen aan wal en weer aan boord. Op de terugreis stelt Josephine vast dat dit pontje toch wel heel erg Zen is.




Een druk op de knop zet het pontje in beweging

Een kort asymmetrisch kapsel
Op de waarschuwing dat het wel laat zal worden, krijg ik thuis de reactie: ‘Maar ik wil wel voetbal zien.’ Ik ontmoet Josephine op het perron van Gouda. Vanuit de verte zie ik al het korte asymmetrische rode kapsel zoals we dat nog kennen uit de jaren tachtig. Josephine is een echt jaren-tachtig-kind waarvan gezegd werd dat hun vooruitzichten hopeloos waren met de oplopende jeugdwerkeloosheid, maar het is helemaal goed gekomen met haar en haar generatiegenoten.
Na een treinreis van 2 uur arriveren we in Ommen en we drinken eerst wat in de stationsrestauratie ‘Spoor 7’.

Alleen op de wereld
Over romantische bospaadjes in het Zeesserbos, Junnerveld en Beerzerveld bereiken we Mariënberg. Het lijkt wel of we alleen op de wereld zijn.
Het korte asymmetrische rode kapsel van Josephine steekt mooi af tegen het groen.

Altijd maar weer zoeken naar het pontje
Eerst maar eens soep met een boterham. Verder gaat het door het Bentinkbos, de Boswachterij Hardenberg en door Hardenberg heen rijden we richting Gramsbergen. Maar waar is het pontje nu? In het Engelandse Bos zien we eindelijk een detailkaart en we constateren dat we aan de verkeerde kant van de Vecht zijn. De afgedamde Vecht ligt precies aan de andere kant. Dan maar door naar Gramsbergen en aan de andere kant terug naar Hardenberg. Josephine had uitgerekend dat we maar niet door de 32 kilometer-grens kwamen met onze tochten. Nu, vandaag lukte dat uitstekend.

De Loozensche linie
De Loozensche Linie was een verdedigingswerk uit de tijd van Napoleon, bedoeld om de Bataafse Republiek te beschermen. Van de linie zijn nog enkele herkenbare delen overgebleven, zoals een gedeelte van een bastion, waterstructuren en een overblijfsel van een voormalige meander. Over deze meander vaart ons doel van vandaag volautomatisch.




Die apps zijn handig, maar je moet natuurlijk wel goed kijken
Op de app van de NS hebben we gezien dat we op station Zwolle 8 minuten hebben om over te stappen op de intercity naar Den Haag Centraal. Ik moet dan in Gouda overstappen op de sprinter naar Capelle Schollevaar. De lift komt tergend langzaam naar beneden op spoor 15; we lopen naar spoor 3,4,5 en gaan traag naar beneden. De dubbeldekker staat al klaar en het fietsbalkon is naast de lift. We stappen snel in om te constateren dat er al 6 fietsen staan. We zetten de fietsen los neer en gaan op de trap zitten. ‘Gek, dat hij om 16:45 vertrok; ik had op de reisplanner gezien dat hij om 16:48 zou vertrekken.’ We vergelijken onze uitkomsten van de reisplanner op onze telefoons. ‘Waarom heb jij nu spoor 3 staan en ik spoor 5?’ vraag ik. Josephine kijkt naar buiten en constateert droog: ‘We zitten op de Hanzelijn, die via Lelystad naar Den Haag gaat.’ Nu gaat het mij dagen; de lift ging naar perron 3, 4 en 5 en we namen aan dat de gereedstaande trein de goede was. Maar we hadden ons al hier moeten splitsen. Josephine naar perron 3 en ik naar 5. Geen nood, we kijken waar de aansluiting op deze lijn is, naar Rotterdam. Dat is Duivendrecht. Eigenlijk is dit ook wel weer heel erg zen; we laten de dingen gewoon gebeuren. Rechts zien we de Oostvaardersplassen met zijn on-Nederlands landschap: ruige grasvlaktes en de wilde heckrunderen, konikpaarden en edelherten.
Na kwartier wachten in Duivendrecht kan ik in een praktisch lege sprinter stappen. Thuis staat mijn portie avondeten klaar; ik hoef het alleen maar op te warmen. Ik eet onder de klanken van gefnuikte of gehaalde doelen aan het eind van het voetbalseizoen.

Een pontje gedaan; nog 73 te gaan.

15 mei 2013.

maandag 8 april 2013

Amstelland gruttoland


‘Als er ergens geen sloot is, ben ik al op vakantie’ zegt schrijver Gerbrand Bakker in Benali Boekt. Sloten waren nu net ons doel van vandaag. In de Bovenkerkerpolder tussen Amstelveen en Uithoorn liggen 2 pontjes op ons te wachten: De zelfbedieningskabelveerpont ‘Maria Johanna Petronella en een naamloze.

Als ik op station Nieuwerkerk aan den IJssel uit de lift stap, vraagt een vrouw ‘Bent u van de mannekes?’ ‘Nee, als ik al iets ben, is het van de vrouwkes,’ antwoord ik. ‘Aan de andere kant van het station staat een vrouw met een fiets te wachten op een vriendin.’ ‘Mijn vriendin ontmoet ik pas in Gouda.’
De liftdeuren gaan weer open en er komt een vrouw met een fiets uit. Dezelfde vraag wordt herhaald. ‘LIA!!!!!!!!!!!!, je staat aan de verkeerde kant,’ is de reactie. Een zwak antwoord duidt erop dat Lia het heeft gehoord. Een andere vrouw voert de spanning nog verder op: 'De trein komt er al aan.' Lia kan rechtstreeks van de lift de sprinter in lopen. Op het fietsbalkon treffen we een allegaartje van fietsen kris kras door elkaar aan.


Josephine komt daar nog eens bij in Gouda.

De Waver
In Abcoude rijden we over de A2 heen naar het riviertje De Winkel, die we volgen. De Winkel mondt uit in De Waver. Waver komt, volgens mijn Plaatsnamengids van het Engelse to waver (wankelen, heen en weer gaan). In dit geval wordt verwezen naar het kronkelen van het water. We meanderen mee met de bochten van het riviertje en we verbazen ons erover dat we nog niet eerder van dit watertje gehoord hadden. Bij een rustiek bruggetje stoppen we voor soep en een boterham.



De Amstel
Die kennen we wel. In 2006 hebben we hier al verschillende pontjes gedaan. Het pontje bij Nessersluis doen we nog een keer.

Bovenkerkerpolder
We weten dat de pontjes in een sloot in een weiland liggen. We bereiden ons voor op een lange zoektocht en eventueel wat loopwerk. Dan zien we echter een vrouw met twee honden lopen. Die moet hier goed thuis zijn. Jawel, ze weet waar ze liggen en ze wijst hoe we er kunnen komen. Ze vermoedt dat het eerste pontje er niet ligt, omdat die naar een broedgebied van vogels leidt en het broedseizoen is begonnen. Over het tweede pontje is ze verbaasd dat die op de website van de Vereniging van vrienden van voetveren staat. Het is nl. een privé-pontje van een boer. Het wordt ook wel het liefdespontje genoemd, volgens haar. Ik vergeet te vragen waarom.

Het pontje naar het vogelbroedgebied
Uit de verte zien we hem al liggen. Bij aankomst blijkt dat de kabel bediend moet worden met een zogenaamde klos



De klos houd je onder een zodanige hoek dat hij zich vastklemt en dan kun je de kabel strak trekken. Dit hefmechanisme zorgt ervoor dat je niet veel kracht hoeft te zetten. We hebben dit systeem vaker gezien, maar dan waren het altijd bemande pontjes. Nu mochten we het zelf doen. Aan de overkant kunnen we niet verder en we varen weer terug.

Het pontje Maria Johanna Petronella
We volgen de aanwijzingen van de hondenuitlaatster op en rijden richting Uithoorn. En jawel, daar ligt hij: de liefdespont. We stappen aan boord; de sloot is zo smal dat we door ons opstappen al voor zoveel beweging zorgen, dat het pontje meteen aan de overkant is. In de verte zien we een boerderij.

 Vlakbij is een bankje waar we thee drinken en een kokosmakroon eten, ondertussen peinzend hoe deze pont aan zijn naam ‘liefdespont’ komt. We komen er niet uit. Hij ligt in the middle of nowhere. Dat is een pre. Maar erg beschut ligt hij niet. Een verliefd stel zoekt toch wel enige beschutting?
Verderop zien we een mobiele vogelkijkhut. Zou dat het eigenlijke liefdesnest zijn?

Gruttoland
Amstelland waar we nu zijn, wordt ook wel gruttoland genoemd. We hebben verschillende grutto’s gezien en gehoord; op een gegeven moment streken er twee pardoes naast ons neer.




 Met dank aan www.beschermersamstelland.nl. 

Het is duidelijk dat de mobiele vogelkijkhut wordt gebruikt door serieuze vogelaars.

Vintage cars
In plukjes van drie komen ons oude Austins, Humbers, MG’s en andere oude modellen tegemoet rijden. Bij het pontje over de Nessersluis begrijpen we waarom het er iedere keer drie zijn. Zoveel gaan er op de pont.

Eierkoeken
Sinds Sonja Bakker de eierkoek als gezond tussendoortje heeft aanbevolen, zijn ze niet aan te slepen. Nu komt Sonja uit Avenhorn (Noord-Holland bij Hoorn), dus ik begrijp wel dat deze veerman zijn provinciegenoot wil ondersteunen.

WC
In het begin waren we nog horecagelegenheid tegengekomen, maar nu al uren niet meer. Dus maar aan mensen die voor het huis in de zon zaten, gevraagd of ik daar naar het toilet mocht. Dat was goed. Op het toilet trof ik een klein computertje aan waarmee je Yahtzee kan spelen. Nooit eerder gezien. Terug bij Josephine zei ik: ‘Ik weet wat we kunnen gaan doen als we klaar zijn met de pontjes. We gaan bij mensen aanbellen of we naar het toilet mogen en we kunnen dan de trends op toiletgebied beschrijven.’ Josephine kijkt sceptisch.


Terug naar huis
Via andere knooppunten dan op de heenweg keren we weer terug naar station Abcoude.
Onze eerste tocht weer sinds een paar maanden. Februari ging niet door vanwege de sneeuw. In maart was Josephine ziek. We hadden geen mooiere dag kunnen kiezen. Sinds lange tijd was het boven de 10 graden en scheen de zon.

Twee pontjes gedaan; nog 74 te gaan.

7 april 2013.

maandag 14 januari 2013

Vriendelijkheid


‘Vaart op afroep’ staat er bij de beschrijving van het pontje over de Ringvaart Haarlemmermeer. Ik bel op om onze komst aan te kondigen en de vrouw aan de telefoon zegt: ‘Oh, dan bouwen we hem wel even op.’ Ik wist niet wat ik me daarbij moest voorstellen. 
Ik vraag nog even of Badhoevedorp een treinstation heeft. ‘Nee, Amsterdam Lelylaan is het dichtstbijzijnde station’. Ik vraag of ik onze komst zondagochtend nog even moet bevestigen, maar dat is niet nodig. Josephine meldt per e-mail dat we het beste Amsterdam Sloterdijk kunnen nemen. Dan hebben we allebei een rechtstreekse verbinding.

Als ik om half negen op de fiets zit, zie ik dat de sloten zijn bevroren. Ik troost me met de gedachte dat de Ringvaart nog niet bevroren zal zijn. Het is 0°C en ik heb wind tegen, maar ik verheug me al op ‘voor de wind’ als ik vanmiddag terugkom. Het is glad op het perron, maar iedereen komt zonder vallen aan boord van de Sprinter. Het is druk.

Op station Sloterdijk komen Josephine en ik tegelijk uit een lift. We hebben nog alle tijd: het theehuis de Akermolen gaat pas om 12:00 uur open. In de Starbucks op het station nemen we koffie respectievelijk chocolademelk. En natuurlijk wat lekkers erbij.
We hebben allebei een oude plattegrond van Amsterdam bij ons en samen met het Google-maps-plaatje op de website van de Vrienden van de voetveren vinden we de plaats waar het pontje waarschijnlijk ligt.
Lekker doorgewarmd stappen we op de fiets. Regelmatig moeten we stoppen om op de kaart te kijken of hem te draaien.

Hoe dichterbij we denken te komen, hoe minder de straatnamen op onze verouderde kaarten staan. De Akersingel geeft ons hoop dat we het doel beginnen te naderen. En ineens is hij daar: Theehuis de Akermolen De pont ligt met een grote ketting vast en het hek is op slot. Oei, dat ziet er niet goed uit.

Ik maak me bekend bij de gastvrouw en spreek m’n verbazing erover uit dat het pontje niet ‘vaargereed’ is. ‘Oh, bent u dat? Maar ik dacht als u van de kant van de stad komt, hebt u het pontje niet nodig.’ Dat is waar. Ze heeft natuurlijk helemaal gelijk. Nodig is het niet. Ik besluit toch nog een poging te wagen en ik leg uit wat onze queeste is: ‘Alle pontjes van Nederland doen.’ ‘Nou, ik zal kijken wat ik voor u kan doen.’ Benieuwd wachten we af. De poffertje smaken ondertussen heerlijk.

Ineens duikt er een jongeman op die vraagt of we nog steeds willen overvaren. Wij bevestigen het, maar zeggen er voor alle zekerheid bij dat we heen en weer willen varen. Dat is geen probleem. ‘Ik ga nu de pont in orde maken.’ Even later zien we hem met een accu en een buitenboordmotor sjouwen. ‘Hij is klaar voor jullie.’ We lopen met hem mee en we krijgen een privé-overtocht en we voelen ons de koning te rijk.

Motorveerboot ‘CoCoBo, het varende terrasvlot,’ over de Ringvaart Haarlemmermeer

Het is een zogenaamd varend terras. Op tal van tot de verbeelding sprekende, verrassende manieren zijn ze in te zetten. Uitgerust met een speciale tent zijn ze als kampeervlot uniek. Het kan ook een varend verlengstuk zijn van een tuin of varende steiger aan huis of bij de woonboot. Zo’n pontje hebben we nog niet eerder mee gevaren.

Aan de overkant aangekomen, vraagt de schipper: ‘Nu, willen jullie zeker aan land stappen?’ Dat had hij goed aangevoeld. Het Pontjesreglement schrijft voor dat aan de andere kant voet aan wal gezet moet worden. We volbrengen de procedure en varen weer terug. Nadat we hem en de gastvrouw hebben bedankt, fietsen we langs een andere route naar Sloterdijk.

Een bijzondere ervaring: een pontje dat speciaal voor ons vaart!

Nog 76 te gaan.

13 januari 2013.

maandag 17 december 2012

Mijn trouwste pontjesfan, Menno Mennes, is overleden


Het begon in 2006 met een oproep in de Nieuwsbrief van de Vereniging Vrienden van de Voetveren:
‘Ken je bekende Nederlanders die dagelijks van de veerpont gebruik maken of in hun jeugd hiervan gebruik hebben gemaakt? Neem dan contact met ons op voor de te produceren DVD over pontjes in Nederland.’

Tja, dacht ik, Josephine en ik zijn niet bekend, maar we doen wel iets bijzonders met pontjes. Dus, besloot ik ons aan te melden. Algauw kreeg ik een enthousiast antwoord van de maker van de DVD:

‘Wat een óntzettend leuk idee van jullie! Waar komt die belangstelling van de pontjes vandaan? Wij zullen hier zeker aandacht aan besteden. Als jullie bereid zijn om voor de camera één en ander te vertellen, willen wij dit zeker gebruiken, mogelijk als "rode" draad.’

Menno Mennes cameraman/regisseur

Op 3 juni 2006 deden wij verschillende pontjes rond Amsterdam; de laatste was over de Amstel (waar het beeld van de schetsende Rembrandt staat). We komen aanrijden en ik zie een man staan filmen en ik zeg voor de gekheid:’Misschien is het Menno wel.’ (Ik had nog geen foto van hem gezien). Ik laat hier even Menno aan het woord in zijn uitgebreide mail van diezelfde avond. Een kort stukje hieruit:

Een wel héél bijzondere draaidag:
'Het laatste shot was eigenlijk ook niet gepland; heb ik toch maar van de houten "veerstoep" gedraaid omdat ik de aankomst vanaf de overkant nog wilde draaien. Op dat moment stapt er een vrouw op deze houten vlonder en ik vraag vriendelijk of ze even heel stil kan staan omdat het anders zo trilt. Toen dit shot erop stond en ik wilde inpakken staan daar twee dames...en die zeggen: "Ben jij Menno Mennes?" ik zeg: "Ja, (en kan het nu nog niet bevatten) ik zat al te denken dat er enige gelijkenis was met de foto (dit was een foto in de winter, met muts en zo) die jullie stuurden, maar dan zijn jullie Bettie en Josephine!" "Ja, dat klopt". Dit alles (ontmoeting met George Hak en Bettie en Josephine) op één dag...wat betekent dit?
Enfin de schipper die ons eerder al koffie aanbood en wij dit beleefd hadden afgeslagen omdat we verder moesten, heb ik nu toch aangenomen omdat wij door dit bizarre gebeuren toch graag mee wilden varen. We hebben Bettie en Josephine uiteraard geïnterviewd, onze koffie gedronken en zijn zeer verbouwereerd naar het laatste pontje gereden, de Ut 03 bij Nigtevecht.'

Dit interview staat op de DVD 'Pontje Doen'
Een trailer van deze DVD: http://www.youtube.com/watch?feature=player_detailpage&v=FmyjlZxVRaY


De woorden sfeervol en schilderachtig komen bij je op bij deze beelden.

De uitreiking van het eerste exemplaar van ‘Pontje doen’
Dit was het begin van een warme e-mailrelatie. We correspondeerden over de voortgang van de DVD; de marketingacties, de interviews op de radio en in de kranten. In een van die artikelen werd hij de Rembrandt van deze tijd genoemd. Als je kijkt hoe hij met het licht omgaat, kun je het daarmee helemaal eens zijn. Ik kreeg van hem de naam van een contactpersoon bij TV West, wat uiteindelijk uitmondde in een opname van een van onze pontjestochten.
Voor de uitreiking van het eerste exemplaar, was ik uitgenodigd en toen heb ik zijn vrouw Karolien ook ontmoet. De uitreiking vond uiteraard plaats in een Veerhuis. Ik bezit een gesigneerd exemplaar. Provincie voor provincie heb ik de pontjes bekeken en op een gegeven moment schoot ik in de lach: De voice over zei:
‘Wie wil daar nu naartoe? Tenzij je alle pontjes van Nederland wil doen.’

Andere producten
In 2008 verscheen ons (van Loes, Nel en ik) boek De vliegende theedoek en die heeft hij meteen gekocht. In datzelfde jaar verscheen van zijn vrouw het boekje ‘Konden er maar nieuwe batterijtjes in…’ Hoe drie pasgeboren katjes op Ibiza het leven van een mens kunnen veranderen. En die heb ik uiteraard gekocht.
Door Hans Beerekamp werd zijn documentaire ‘De boer die zou gaan emigreren’ op de 4e plaats geplaatst in de lijst van beste programma’s in januari en februari 2007.

Van het bloemencorso uit Zundert ontving ik deze apenkaart:


De hartelijke groeten uit Zundert, het grootste bloemencorso ter wereld. Menno Mennes

Als ik weer een pontjesverhaal naar hem toezond, reageerde hij altijd enthousiast en meestal kreeg ik het advies om een bepaald pontje vooral niet te vergeten.
Na de pontjes ging hij verder met het filmen van molens en vissersvaartuigen. Ook in deze film vind je de poëtische schoonheid van het Nederlandse landschap en de relatieve rust die hier nog te vinden is. Hij moedigde ons aan om nadat we alle pontjes hadden gedaan, alle molens van Nederland te gaan doen.
In het laatste contact verontschuldigde hij zich dat hij lang niet van zich had laten horen, maar dat hij nog steeds mijn pontjesverhalen las. ‘Blijven sturen, hoor!’

Pontjestocht ter herinnering aan Menno Mennes
Ter nagedachtenis wilden we zondag het pontje doen, waar we hem voor het eerst hadden ontmoet, maar die vaart alleen maar in de zomer. Dus onze pontjestocht naar Zoeterwoude over de Ommedijkse Watering dragen we in plaats daarvan aan hem op: 


Zelfbedieningskettingveerpont over de Ommedijkse Watering bij Zoeterwoude


Nog 77 te gaan.

17 december 2012.

maandag 12 november 2012

Het Spaarne


‘Er is een nieuw pontje over het Spaarne gekomen. Hebben jullie zin om een bakkie te doen als jullie met dit pontje overvaren? vraagt Gea, onze oud-collega. 
Consumpties worden door ons zeer gewaardeerd op onze pontjestochten en als je dan ook nog een sympathieke oud-collega kunt ontmoeten, is het dubbel feest.

Metro en trein

In ontdek dat ik helemaal door kan rijden met de metro naar Schiedam-Centrum en daar eenvoudig kan overstappen op de trein en zo een krappe en drukke overstap in Rotterdam of Amsterdam kan mijden.
Een metrostation kun je niet verlaten zonder in- of uit te schecken, maar de NS is nog steeds in staat de paaltjes zodanig te verbergen dat je ze of voorbijloopt of niet kan vinden. Als je de lift neemt bij de metro staat de in-/uitscheckpaal voor de lift, zodat je het niet kunt vergeten. Op spoor 5 van de NS kan ik de incheckpaal niet vinden. Hij blijkt zich beneden in de tunnel te bevinden. Hindernis genomen en tevreden ga ik in de trein zitten, totdat de conducteur komt… ik ben vergeten een fietskaartje te kopen. ‘Volgend jaar komen er OV-chipkaarten voor fietsen,’ troost hij mij en loopt door. Op station Haarlem koop ik gauw een dagkaart voor de fiets.

Haarlem

Volgens de routeplanner is het vanaf het station 3,3 kilometer naar de veerstoep van Het Spaarneveer. We moeten naar het zuiden rijden richting Haarlemmer Houttuinen, maar we zien geen bordjes. Google Maps laat wel de speld zien waar we zouden moeten zijn, maar de onderliggende kaart ontbreekt. Dan maar even aan die mevrouw vragen die haar plantenbak aan het verzorgen is. ‘Wacht, ik pak even m’n telefoon,’ en ze loopt naar binnen en even later toont ze de route op haar telefoon. ‘Jullie hebben lekker weer om te fietsen, ik moet zo gaan werken, veel plezier.’ Met wat slalommen, rijden we ineens op het veer aan. Mmm, we hebben er al 6,3 kilometer op zitten. Toch niet helemaal goed gegaan.


Het Spaarneveer op zonne-energie verbindt twee stadsdelen met elkaar. Het veer fungeert als een soort dorpspomp: nieuwtjes worden uitgewisseld en weer verder verteld met de pontbaas als spil.

Het Spaarne

Aan de andere kant van het Spaarne vervolgen we onze weg naar Gea. Door een andere oud-collega, Anneke ben ik gewezen op het mooie liedje van Lennaert Nijgh en Boudewijn de Groot:

Het Spaarne stroomt, het Spaarne stroomt 
Het Spaarne stroomt voorbij voorbij de stad 
Waar niets meer wordt geladen 
Er liggen voor de Waag geen schepen meer 
Ze varen door want de bolders en kaden 
Hebben plaats gemaakt voor het verkeer 






Volgens de routeplanner is het maar 5,8 kilometer naar Gea, maar toch slagen we er weer in om meer kilometers te maken, maar in zo’n mooie stad als Haarlem is dat niet erg. Precies op de afgesproken tijd arriveren we. De voortuin staat vol met fietsen. ‘Ja, dat heb je tegenwoordig met extended families,’ legt Gea uit. Binnen worden we opgewacht door Hans, Peter, Menno en Femke èn heerlijke warme, verse, zelfgebakken appeltaart.

Extended family

We trappen niet in de valkuil om over oud-collega’s te praten (behalve de groeten over en weer). Het is een interessant gezelschap met een rijk pallet aan interesses. Zo was er Hans, docent bij INHolland, hogeschool voor toegepaste wetenschappen, Menno, in het 3e jaar van de middelbare school, Gea, Integratief psychotherapeut en coach, Femke, de bakker van de taart en brownies, Peter, de beeldhouwer. Hans is een bevlogen docent, die probeert de leerlingen nog meer mee te geven dan de verplichte lesstof, Menno weet zeker dat hij een ondernemer wil worden en daarmee rijk. Hij vertelt ons over de verschillende niveaus waarop de wiskunde kunt doen afhankelijk van je studierichting. Femke laat zien aan de hand van een vriendinnetje met lang haar wat voor verschillende soorten vlechten er zijn.
Gea denkt erover om zich te specialiseren in verliesverwerking; daar kan ik bij aansluiten met mijn specialisatie als Aspergercoach. Zo komen we toch nog even in het verleden terecht:

een lange werkdag in een kelder van Hotel Kijkduin tijdens het project om de losbladige uitgave Gids Hulpverlening Jeugdigen op het web te kunnen zetten; daartoe moesten we minutieus onderzoeken welke data nu eigenlijk bij elkaar hoorden en of ze als zoekgegeven zouden kunnen gelden. Ik – als Asperger – had helemaal geen moeite met het vastbijten in de details, maar de anderen wilden wel graag even uitwaaien op het strand en dat is ook gebeurd.

Daarna stelde Josephine ons op de hoogte van de huidige stand van digitalisering in uitgeversland.
Peter is bezig met een project met beelden voor Den Helder die het ambachtelijke verleden van deze gemeente moeten verbeelden. Zodra alle beelden klaar zijn en geplaatst, kunnen we een pontjestocht naar Den Helder plannen om ze allemaal te aanschouwen.
Weer een boeiende tocht en ons doel niet uit het oog verloren.

Nog 78 te gaan.

11 november 2012.

maandag 22 oktober 2012

Zuiderzeeballade


‘Geen fiets,toch?’ whatsappt Josephine ’s ochtends vroeg.
In het pontjesreglement staat dat een pontje alleen maar geldt, als we èn met z’n tweeën zijn èn met de fiets. Vandaag zou het wel erg onhandig zijn, de fiets mee te nemen. We gaan namelijk naar het Zuiderzeemuseum in Enkhuizen en het pontje stopt bij het station, de parkeerplaats en het museum. Waar heb je dan nog een fiets voor nodig? Het pontjesreglement biedt wel enige ruimte met de zinsnede ‘in de ruimste zin des woords’. We beslissen: Zonder fiets geldt het pontje ook.

Wel of geen pontje?

We hadden dit pontje ieder jaar weer gemist, omdat de ene keer het seizoen (april tot en met oktober) alweer voorbij was of nog niet begonnen, of we wisten nog niet of dit wel een pontje was. Uiteindelijk hebben we besloten dat we de Vereniging Vrienden van de Voetveren volgen. Als zij het een pontje vinden, zijn wij het daarmee eens. Deze vereniging worstelt ook wel eens met deze vraag merk je als het nieuwe boekje verschijnt. Een pontje is dan ineens verdwenen of geschaard onder de rondvaartboten.

De Pampus

Met z’n vieren wachten we in een straffe wind bij het station op De Pampus en we zien dat hij 175 passagiers kan herbergen.



















We kijken elkaar besmuikt aan: Meer zal het wel niet worden, denken we, totdat bij de volgende aanlegplaats – het parkeerterrein – de boot ineens vol loopt. Als we het zeegat – het Krabbegat – uitgaan, liggen we ineens in de volle wind, maar al snel draait het veer de luwte in naar de veerstoep.




Het Zuiderzeemuseum – Het buitenmuseum

We wandelen langs authentieke panden uit het voormalige Zuiderzeegebied, zoals een kerk, een visrokerij, winkels en woonhuizen uit de omliggende vissersdorpen. Bij restaurant Hindeloopen vinden we de warmte waar we naar op zoek zijn èn koffie/warme chocolademelk met appelgebak. De warmte is zo aangenaam dat we nog even wat blijven hangen.
Het Zuiderzeemuseum – Het binnenmuseum
Naast de vaste collectie is er de tentoonstelling De kleur van water met werk van toonaangevende kunstenaars zoals Joost Cornelisz Droochsloot, Ruud van Empel, Dick Pieters, en Sven Kroner en bevat circa zestig schilderijen en foto’s uit de ING Collectie.
Karaoke – De Zuiderzeeballade
Een foto in klederdracht hadden we al van onszelf, maar karaoke: dat hadden we nog nooit gedaan. 







 We konden kiezen tussen de Cats, Rick en Simon en de Zuiderzeeballade. Die laatste vonden we wel toepasselijk.
Josephine zong heel overtuigend met haar mezzo sopraan en ik bromde zacht wat mee om haar niet van de wijs te brengen.

We lopen terug naar het station en reizen via Amsterdam Sloterdijk weer naar huis. Het is druk. De trein vult zich in Amsterdam met marathonlopers, hun medailles, bloemen en supporters.

Nog 79 te gaan.

21 oktober 2012.

donderdag 27 september 2012

Haren - Project X*


Op Facebook kondig ik zaterdagavond aan dat we twee pontjes over het Hollands Diep gaan doen. Het is twee dagen na het uit de hand gelopen feestje in Haren. Wat nu als er duizenden mensen op afkomen? Er is maar plaats voor 12 mensen op de boot.

* Project X slaat op de gelijknamige film waarin 3 studenten een feestje organiseren, waarmee ze beroemd willen worden. Zodra het feestje bekend wordt, loopt het vreselijk uit de hand.

Motorveerboot ‘ Nieuwe Vaart’ over het Hollands Diep

‘Jullie hebben geluk,’ zo begroet Hans de Zwart, de veerbaas, ons. ‘Ik had al weg moeten zijn.’ Inderdaad, het is een paar minuten over elf, maar we hadden dan ook wat rondgedwaald over uitgebreide industrieterreinen. ‘Ik moet je de groeten van tante Nelly doen,’ zeg ik tegen hem. Helaas, zij is van een andere tak.
Hans zet de motor aan en Josephine en ik kijken elkaar verheugd aan: Dat is nog eens een mooi motorgeluid! Daar willen we wel 20 minuten naar luisteren.


Beleef het geluid door op het driehoekje te klikken.

‘Ja, het is nog de originele motor.’ Hoe oud is de boot?’ ‘Uit 1948.’ Dat viel een beetje tegen, we hadden 18zoveel gedacht.

In de verte zien we de Moerdijkbrug, waar ik vele malen overheen ben gereden. Voor zover de veiligheid het toelaat, kijk ik dan naar het prachtige Hollands Diep en de verschillende schepen die daar varen. Vanaf deze kant geeft het een heel andere blik.

Strijensas

We zijn in de Hoekse Waard aangekomen en na koffie met appeltaart bij de jachthaven fietsen we – wederom voor de wind – naar Numansdorp. Om ons heen geen enkele horizonvervuiling. We rijden op een dijk en links zien we kreken en rechts landbouwgrond.

Numansdorp

In Numansdorp vinden we zo de haven. We hebben nog drie kwartier tot de boot komt en we gaan op het bankje zitten om een boterham te eten, Aan de overkant liggen koeien rustig te herkauwen en het lijkt me wel rustgevend om te kunnen herkauwen. ‘Nou nee,’ zegt Josephine, ‘net kwam mijn appeltaart weer naar boven en dat was niet aangenaam.’ Aan het begin van de haven ligt het Schippershuis en we gaan daar nog wat drinken.

Motorveerboot ‘Anna’ over het Hollands Diep van Numansdorp naar Willemstad

We gaan zodanig zitten dat we in de gaten kunnen houden wanneer de veerboot arriveert. Toch zien we niet dat hij de haven invaart. Om 5 voor 2 fietsen we naar de veerstoep en de ‘Anna’ ligt al klaar voor de overtocht en er staan reeds 2 fietsen op het achterdek. De eigenaars van de fietsen stappen na ons de boot in en de man is vol bewondering voor Josephine haar fiets, En zo komen we op onze jacht op alle pontjes van Nederland. Gelukkig krijgen we nu een originelere vraag dan ‘Hebben jullie dit en dat pontje al gedaan?’: ‘Wat vonden jullie het mooiste pontje tot op heden?’ We zeggen in koor ‘Die van vanochtend! ’want het gezellige pruttelen van de motor klinkt ons nog steeds in de oren. De veerbaas is er inmiddels bij komen staan en haastig zeggen we dat we dit ook een mooie pont vinden. We willen immers veilig aan de overkant komen. Hij vertelt dat de veerboot een oud patrouillevaartuig is, dat ooit toebehoorde aan de Duitse Rijkswaterstaat.
 
Uit BN De Stem.nl

Ik vertel dat ik gisteren op Facebook heb aangekondigd dat we deze pontjes gingen doen vandaag, waarop de veerbaas ad rem zegt: ‘Nu gelukkig hier geen Harense toestanden.’ En dan pas realiseer ik me dat ik niet nagedacht heb over de invloed van social media. Hoewel, wat meer passagiers zouden voor deze pontjes toch wel prettig zijn.

Deze overtocht gaat over een veel breder stuk water dan die van vanochtend. En de wind is gaan aantrekken; op een gegeven moment slaan de golven over het dek.

Van Willemstad naar Zevenbergen

Met een ‘Ik zal aan jullie denken als ik lekker warm aan de thee zit, terwijl jullie de 20 kilometer naar Zevenbergen fietsen.’ neemt het echtpaar afscheid. Het begint te regenen zodra we op de veerstoep staan. We trekken ons regenpak aan en gaan op weg. Ik voel me net de krekel uit ‘De krekel en de mier’. Al die tijd voor de wind gereden en nu in de regen tegen de aanwakkerende wind over dijken fietsen. Elke gelegenheid nemen we te baat om even uit te puffen: op de kaart kijken, een boterham eten, een kunstwerk bekijken, een foto maken. Alle trucs worden uit de kast gehaald. Josephine is er beter aan toe dan ik en ik rijd een stuk uit de wind achter haar aan. Wederom prachtige natuur: dijken soms omzoomd met majestueuze bomen. Zoveel bomen had ik hier niet verwacht.

We moeten drie kwartier wachten op de sprinter naar Den Haag. In de wachtruimte liggen plastic handschoenen en een lege fles; we denken allebei hetzelfde als we deze attributen zien: A dirty mind is a joy forever.
Om vijf voor zes ben ik weer thuis en staat er 47 kilometer op de teller.

Twee pontjes gedaan, nog 80 te gaan.

23 september 2012.