maandag 28 september 2020

Hoest u?

Bij ons hotel in De Lutte vullen mijn man en ik de gezondheidsverklaring in. Josephine is voor ons gearriveerd en die moest hoesten toen ze binnenkwam, niet ongebruikelijk als je van een warme omgeving in een omgeving met air conditioning komt. Op aanwijzing van de receptioniste vult ze 'nee' in bij de vraag of ze hoest. De geraadpleegde manager is onverbiddelijk. Josephine moet het pand verlaten. Wat nu? De eerste reactie van Josephine is dat ze naar huis gaat. Na enig overleg besluit ze bij het dichtstbijzijnde Van der Valk hotel te gaan logeren. Het gezamenlijke diner in het restaurant van het hotel zeggen we af. 's Avonds eten we bij De Oude Apotheek in Losser, wat een uitstekende keus bleek te zijn. Enigszins geruststellend vonden we het feit dat de eigenaresse moest hoesten toen we binnenkwamen.

Bentelo en Borculo

Voor de komende dagen heeft Josephine een ambitieus plan opgesteld met een circus van auto's en fietsen. Beiden met de auto naar Borculo, de fietsen op één auto en in die auto naar Bentelo, alwaar het fietsen begint. 'Hoever is het eerste pontje weg? vraag ik. Josephine fronst als ze naar de routekaart kijkt 'Waarom zijn we eigenlijk naar Bentelo gereden? Het eerste pontje is heel ver weg.'
De voorspelde windkracht 3 Beaufort is aangetrokken tot 5. Gelukkig beginnen we tegen wind. We slingeren door grote eikenbossen. Rechts van de zandpaden liggen verharde fietspaden. Af en toe breekt er een takje op ons hoofd; onder onze wielen schieten eikels weg. Als het landschap weer open is, zien we de oranje/rode daken van Twentse boerderijen. 


Na zo'n 16 kilometer: de eerste uitspanning: het grenscafé Oldenkotte. Met uitzicht op het voormalige douanekantoor gebruiken we wat en terwijl het grensverkeer ongehinderd passeert, vragen wij ons af hoe een grenssluiting in verband met corona hier zou worden geëffectueerd. Een slagboom ontbreekt.
We ruiken het pontje al of liever gezegd de Berkel. Een schelpenpaadje langs de rivier brengt ons bij de veerstoep.

Zelfbedieningstouwveerpont Rekken Borgweg-Huttendijk



De Berkel heeft een sterk fluctuerende waterstand. Om het pontje bij elke waterstand te laten varen, is er een constructie van drijvende pontons gemaakt. Deze kunnen met de variërende waterstand meebewegen.

Op naar de veerstoep.


Van de andere kant ziet dat er zo uit. Hoe komen we erop? Met wat plooien en draaien staan we uiteindelijk op de veerstoep en kunnen we onszelf tussen de kanovaarders naar de overkant trekken.
We vragen ons weleens af hoe we het laatste pontje met onze rollator gaan nemen. Deze komt er in ieder geval niet voor in aanmerking.

Naar Borculo

Voor de wind fietsen we terug richting de eerste auto in Borculo. Net voordat we een echtpaar op elektrische fietsen dreigen in te halen, slaat het rechtsaf. Het is laat geworden en we laten het pontje voorbij Borculo voor wat het is. We laden de fietsen op mijn auto en rijden naar Bentelo om Josephine haar auto op te halen. Om 5 uur zijn we in onze respectieve hotels.
Tijdens het eten vertelt Josephine waarom we in Bentelo zijn gestart. Daar was ook een pontje, maar ik had op de kaart voor Josephine om de route te bepalen Ov24 getekend in plaats van Ov27. Het pontje Ov24 ligt bij Wijhe, veel meer naar het westen.
Nou, dat schiet niet op.

Naar Reutum

Vandaag gaan we niet ingewikkeld doen. We rijden meteen naar ons startpunt. Door de bossen fietsen we naar het Almelo-Nordhornkanaal en we geven de coördinatiepunten in van Google maps: 52.374367, 6863422 maar zien geen pontje. Dit is geen pontje wat je over het hoofd kan zien. De stoere houten trappen moet je uit de verte kunnen zien. We fietsen beide kanten op en ik besluit de mensen die hun Flatcoated Retriever aan het trainen zijn, aan te spreken. Een van hen vraagt: 
'Waar komt u vandaan?' 
'Geboren in Leidschendam uit een Voorburgse vader en een Rotterdamse moeder.
'Ik zou uw stem uit duizenden herkennen. Wat voor werk heeft u gedaan?' 
Als ik de naam Elsevier laat vallen, valt het kwartje bij de aangesprokene.
'Bettie van Veen! En ik ben Simone Thien van Ambrac,'
Als Josephine erbij komt, wordt die ook herkend.
De hondentrainer wijst ons waar we het pontje kunnen vinden. Als we het ontwaren, blijken de coördinaten wel juist te zijn. 



We varen zonder problemen heen en weer en vervolgen onze weg langs het kanaal.
Het landschap blijft prachtig en we zien maar weinig mensen. 
De eikenprocessierups lijkt hier onder controle te zijn. Slechts een van de duizenden eiken heeft een rood-wit waarschuwingslint.

Alle bomen langs deze weg hebben vogelhuisje.

Waarschijnlijk zijn de vele vogelkasten hier debet aan.

Dinkelland

Nu onze taak erop zit, kunnen we vrij gaan fietsen. Onderweg zien we veel kapelletjes en landkruisen. Later lees ik dat er 121 zijn in Twente. De oranje daken van de boerderijen blijven mooi contrasteren met het groene grasland. Nog geen herfstkleur te bekennen.
 
Bij Havezathe het Everloo bestellen we een uitsmijter. 'Ik wil er geen ham of kaas bij,' zeg ik. 'Zonder beleg,' concludeert de jongeman die de bestelling opneemt. We blijven in bange afwachting van de kale boterhammen, maar gelukkig zitten er wel gebakken eieren op, maar liefst vier.



We verlaten het landgoed en fietsen richting het kanaal waar we vanochtend begonnen.



Onze rust wordt verstoord als we langs kasteel Singraven komen. Ineens fietsen we in kolonne. Een groep met elektrische fietsen halen we met gemak in. Langs het kanaal is de wereld weer van ons.

De beoogde vijf pontjes hebben we niet gehaald, maar we zijn tevreden met twee prachtige fietsdagen van 43 respectievelijk 44 kilometer.

Twee pontjes gedaan. 
Nog 18 Nederlandse pontjes* te gaan
Nog 28 Belgische pontjes te gaan

* Het lijkt alsof we snel bij ons einddoel zullen zijn, maar ik tel alleen al rond Zwolle drie nieuwe pontjes.

18 en 19 september 2020

   Naschrift

Op onze thuisreis met de auto was ik minder fortuinlijk: bij het lunchadres struikelde ik over ongelijke bestrating, waarbij ik mijn linkerpols brak. In het Gelre ziekenhuis in Apeldoorn, waar veel voetballers binnenkwamen in alle shirts van clubs uit de buurt, is hij gezet.

Tien minuten in de tractie, voordat de pols wordt gezet.







woensdag 15 juli 2020

Zelfbedieningstouwveerpont De IJsvogel in de Oeverlanden


‘Neem je je wandelschoenen mee? Ik denk dat we een stukje moeten lopen,’ app ik aan Josephine.
Op Google Maps heb ik namelijk geconstateerd dat de rode pin die de locatie van het pontje aangeeft niet helemaal op de goede plaats staat.
En ik zie dat het pad waarin het pontje ligt, het Laarzenpad heet. Dat duidt op een minder begaanbare pad.

De Hoeksche Waard





We rijden door uitgestrekte kleipolders, waarin akkerbouw wordt bedreven. Regelmatig zien we hele velden met de witte bloemen van de aardappelplant en af en toe zelfs graan. De polders zijn omzoomd door vele bochtige dijken, met knotwilgen en fruitbomen. De dorpen zijn veelal op en aan de dijk gebouwd. In de verte zien we molens en kerken, veel kerken. Op internet tel ik er een kleine 50, meest Nederlands Hervormd en Gereformeerd en alle afgescheiden takken ervan.

Strijensas

Sluisje uit 1649 met een ophaalbrug uit 1908
 Josephine heeft een route van 41 kilometer uitgezet, maar …het zou heel anders lopen. We slalommen door dorpjes als Mookhoek, De Wacht en Schenkeldijk totdat we bij jachthaven Strijensas aankomen. Hier staat een bordje met een verwijzing naar een gemotoriseerd pontje. Die moeten we niet hebben. Dat is het pontje over het Hollands Diep. Het beoogde pontje vaart over een sloot.

Oeverlanden

Na een stuk parallel aan de Oeverlanden richting Numansdorp gereden te hebben, besluiten we de Oeverlanden in te wandelen. ‘Moet je niet je wandelschoenen aandoen?’ vraag ik aan Josephine. Ze schudt haar hoofd. We zetten de fiets op slot, nemen ons brood mee, zetten Google maps aan en gaan op weg. Het blauwe stipje op het scherm dat onze locatie aangeeft, schuift maar langzaam op.


Net als zijn grote broer de Biesbosch, is het gebied Oeverlanden Hollands Diep een zoetwatergetijdegebied.


‘Loopt u ook route 75?’ horen we ineens achter ons. Als we omkijken, zien we een struise jonge vrouw in een groene blouse die op een scoutinguniformblouse lijkt. ‘Nee, wij zijn aan het overleven,’ roep ik terug. Hoe belangrijk deze bijna-ontmoeting zal zijn, blijkt later.
Het duurt wel erg lang voor we het pontje zien. We vragen aan twee dames hoe ver het nog is. ‘Oh, nog wel drie kwartier,’ zeggen ze eensgezind.
Wat doen we? Josephine heeft inmiddels spijt dat ze haar wandelschoenen niet heeft aangedaan. We besluiten terug te gaan en nog een stukje door te fietsen en het een stuk verderop weer te proberen.

Wandelknooppuntroute 75

Ineens komt onze wandelvriendin ons tegemoet lopen. Ik roep ‘Ben je via het pontje gekomen?’ Ze antwoordt bevestigend. Onze hoop dat we het pontje zullen vinden, neemt toe. Even later zie ik een paal met wandelknooppunt 75 erop die naar links wijst. We stoppen en Josephine trekt haar wandelschoenen aan en we volgen het graspad richting Hollands Diep. Na tien minuten komen we een ouder echtpaar tegen en desgevraagd zegt de man dat het nog 5 minuten lopen is. En inderdaad daar is hij.

Zelfbedieningstouwveerpont De IJsvogel

 
Het is een zogenaamd zelfbedieningstouwveerpont, waarvan er 68 in Nederland zijn. Een rondlopend touw is vast aan de veerpont verbonden, en loopt aan beide oevers over een katrol.


Hoe kan het pontje aan de overkant liggen, terwijl die mensen er net zijn afgekomen? 
Het duurt even voordat ik het katrol over het dode punt heen heb. Het pontje glijdt soepel door het spiegelgladde water. We stappen op en we hebben snel de vaart erin. Aan de overkant zitten een paar gezinnen te picknicken; een jongetje maakt zich los uit het gezelschap en begint mee te draaien.
Volgens het pontjesreglement moeten we aan de overkant afstappen. Anders geldt ‘ie niet. Het jongetje zegt stoer dat hij de pont wel aangesloten houdt zodat we veilig af- en op kunnen stappen. Als we op eigen kracht de terugvaren, zwaaien we naar onze held.

Vooroordeel

In de verwachting dat er op dit streng christelijke eiland geen horecagelegenheden op zondag open zullen zijn, drinken we wat op het terras van de jachthaven. Josephine raadpleegt haar stappenteller en meldt: ‘Vandaag heb ik in deze maand het hoogste aantal stappen per dag gelopen!
én we fietsen rechtstreeks naar de auto in Strijen,’ voegt ze eraan toe.
Aangekomen in Strijen zien we twee grote terrassen vol met mensen. Een man op het terras roept heel hard LINKS. Josephine gebaart naar rechts en we rijden zo op onze auto’s aan.

Eén pontje gedaan.
Nog 19 Nederlandse pontjes te gaan.
Nog 28 Belgische pontjes te gaan.
12 juli 2020.

dinsdag 23 juni 2020

Voorzichtig en waakzaam, maar wel met realiteitszin

Diverse veerponten zijn na het versoepelen van de coronamaatregelen weer in de vaart gekomen. Bij andere pontjes die voornamelijk bemand worden door mensen in de risicoleeftijd is besloten om het hele seizoen van 2020 niet te varen. Sommige veerponten stellen het mondkapje verplicht. Wij namen geen risico en besloten een zelf te bedienen pontje uit te zoeken én een mondkapje mee te nemen.


Rossum

We ontmoeten elkaar op een kleine parkeerplaats in Rossum. We zijn blij elkaar weer te zien. We hadden elkaar sinds 2 februari niet meer gezien. Toen reden we in de stromende regen door Rotterdam om het pontje, dat de Maastunnel verving voor wandelaars en fietsers, te doen. Vandaag is 26 graden voorspeld en geen regen.
Zodra je de A2 verlaat en de Bommelerwaard – een riviereiland -  inrijdt, komt er gelijk een landelijk gevoel over je.
Josephine heeft een route van 33 kilometer uitgezet. De afgelopen maanden is de langste afstand die ik met de fiets heb afgelegd, 12 kilometer geweest, maar we zullen zien. We blijven op het riviereiland dat omringd wordt door de Waal, de Maas en de afgedamde Maas.
Oh, wat hebben we dat gemist: Het rijden op een dijk en beneden, beneden ons de glinsterende rivier en paarden in de uiterwaarden. Voor zover je kunt kijken, eindeloze rijen witte wolken.
Niet eerder gezien: links ooievaarsnesten in een hoogspanningsmast.



31 Ooievaarsnesten (foto Gerard van den Berg)





















Zaltbommel

Jip en Janneke met hond Takkie
















Dat de tekenaar, Fiep Westendorp, is geboren in Zaltbommel willen ze graag weten. Overal zie je de zwarte silhouetten van Jip en Janneke.
Na zo’n 15 kilometer ontwaren we een bankje, waarvan we verwachten dat we wel 1,5 meter uit elkaar kunnen zitten.



Het anderhalvemeterbankje

Op naar het pontje bij Kerkdriel

Door het winnen van zand zijn er grote gaten ontstaan, die gevuld met water een attractie vormen voor de watersportliefhebber. De wandelaar wordt ook niet vergeten. Via het in 2019 aangelegde pontje kan de wandelaar De Zandmeren oversteken om de dijk te bereiken met een wandelroute van 5 kilometer.

De Zandmeren

De veerstoep staat vol met vissers. De anderhalve meter is ver weg. Maar … we hebben niet voor niets 33 km gefietst. We doen ons mondkapje op en lopen manmoedig de steiger op. Het pontje ligt aan de overkant.



De aanwijzing ‘Let op! Boten voorrang’ geeft ons hoofdbrekens, want er varen voortdurend kleine boten voorbij. Na een gat in de botenrij beginnen we te draaien. We zien de ketting bewegen, maar het pontje komt nog niet los van de overkant.
Een man en een vrouw met hondje stappen de steiger op. Ze komen hier regelmatig. ‘Zal ik het overnemen?’. Hij begint verwoed te draaien en er komt beweging in het pontje. Hij troost ons met ‘Het eerste gedeelte is het zwaarst, want dan ligt de ketting nog op de bodem.’




Wij houden ondertussen het scheepsverkeer in de gaten. Een bootje houdt in en de laatste ruk aan het pontje kan worden gegeven.
Nu beginnen we aan de tocht naar de overkant. We draaien beurtelings. Aan de overkant stappen we even af om te bestendigen dat we het pontje gedaan hebben. Een gezelschap met twee stoere mannen vergezellen ons op de terugreis en we knikken naar elkaar: Die gaan wel draaien. De oudere man begint te draaien, duidelijk met de intentie om de hele tocht te doen. Halverwege moet hij het overgeven aan de jongere man, die de tocht volbrengt.




Zo, het mondkapje kan af. Geen high five dat de missie is volbracht.
En nu is het tijd voor koffie/thee met appelgebak, maar we bezwijken voor de coupe met aardbeien. Als we op de fiets stappen, staat op het bordje Rossum 5. Nou, dat moet lukken. Halverwege moeten we toch even stoppen om ons zitvlak te ontlasten.
Als we het parkeerplaatsje op rijden, staat er 39 km op de teller. We kunnen het nog!

Eén pontje gedaan.
Nog 20 Nederlandse pontjes te gaan.
Nog 28 Belgische pontjes te gaan.

22 juni 2020


zaterdag 20 juni 2020

Heimee- en troostpontjestochten - Het laatste deel



De laatste virtuele tocht. Morgen gaan we naar de Zandmeren in de Bommelerwaard.




zondag 7 juni 2020

Heimwee- en troostpontjestochten - Deel VIII - Wat is ons favoriete pontje?

Josephine en ik weten meteen wat ons favoriete pontje is. We gaan allebei terug in de tijd toen vaarverbindingen cruciaal waren.


Nostalgie op de Kaag in de oude salonboot waarmee de notaris ooit de boeren bezocht

Ik kan me niet herinneren dat we ooit zo galant zijn overgevaren.
Er komt een lange smalle boot aangevaren. Op de romp staat in sierlijke letters ‘De Heere Schouten’. We stappen aan boord. Wat een luxe: in dit ranke scheepje liggen over de hele lengte kussentjes.

De salonboot ‘De Heere Schouten’ Foto van de website Warmondaandekaag.nl

Tijdens het varen zien we in de verte boerderijen en ik denk aan de notaris die in het begin van de twintigste eeuw met deze luxe salonboot naar de boeren voer om contracten op te stellen. Die boerderijen waren niet over land bereikbaar. Zal hij laarzen aan boord hebben gehad om door het weiland tussen de koeien door naar de boerderijen te lopen?

Bettie

Handbediend kabeltrekveer over de Overijsselse Vecht naar de Agnietenberg


Josephine neemt ons mee naar een pontjestocht op 6 augustus 2006.

Het Haersterveer is een van de weinige pontjes waar de veerman je met hulp van een houten klos aan de over het water gespannen kabel vooruit trekt. Hier ga je honderd jaar terug in de tijd.










Voor mij is dat Agnietenberg bij Zwolle. Voor mij is het de ideale combinatie van landschap en pontje. In mijn herinnering reden we door een groen bos (waarschijnlijk was het een bosje) en waren we opeens bij de veerstoep. De Overijsselse Vecht moest overwonnen worden om verder te kunnen fietsen. Maar de rivier was niet te breed en het pontje ging soepel naar de overkant. Na even een moment van rust op het pontje konden we verder fietsen in een weids landschap.

Josephine 

zaterdag 30 mei 2020

Heimwee- en troostpontjes - Deel VII- Drie maal is scheepsrecht

Hoor Fuugje vertellen over een pontje in Midden-Delfland over de Vlaardingervaart dat we maar liefst drie maal moesten bezoeken,

Hoewel het pontje ver van de bewoonde wereld ligt, wordt hij vaak stuk gemaakt.

https://vimeo.com/424353788

Klik op het driehoekje linksonder.

zaterdag 23 mei 2020

Heimwee- en troostpontjestochten -Deel VI - Hoog water

Op een zonovergoten dag in augustus 2007 varen we met motorveerboot 't Kleine Veer van Hattem naar Zwolle over de IJssel. Onze vlogger Le Beau vertelt over onze wederwaardigheden.


Klik op: Hoog water

Een handdoek hadden we niet bij ons, maar met je shirtje kun je je ook droog wrijven. 
Op de achtergrond zie je een dappere fietser in het water een aanloop nemen om tegen de loopplank op te fietsen.