maandag 8 december 2008

Aggregatietoestanden

Als ik mensen van onze pontjeshobby op de hoogte stel, vragen ze steevast of we pontje zus of zo al gedaan hebben. Dan wordt een lieflijk pontje genoemd. Niemand zegt ooit: “Heb je het motorgierveer ‘Regina Fluminum’ over de Nederrijn al gedaan?” Deze pont stond op het programma op zondag 30 november 2008. Het varen met motorponten voor alle verkeer ervaar ik altijd als een soort corvee. We moeten ze doen, omdat ze in het boekje staan. Ik bewaar ze voor de winter. Maar liefst 3 autoveren stonden op onze lijst vandaag op de grens van Utrecht en Gelderland. Josephine had al uitgerekend dat we het beste van het oosten naar het westen konden rijden en ze schatte het op ruim 30 kilometer. Tussen de 3 en 6 graden zou het worden en er was 40% kans op neerslag.

Station Rhenen zou de beste start zijn voor deze tocht, maar de weg ernaar toe was vol hindernissen en Josephine had besloten om station Veenendaal – de Klomp als uitvalsbasis te gebruiken. Dit obscure station wordt door de intercity aangedaan. Op het fietsbalkon zit een jongeman met een racefiets en hij vraagt verbaasd of wij gaan fietsen. “Ja, maar jij toch ook?” “Ik ga hem alleen maar naar de winterstalling brengen.” We moesten door Veenendaal heen rijden om in Elst te komen. We schieten beiden in de lach als een buitenthermometer -1°C aangeeft. Even later dwarrelen er lichte sneeuwvlokken voor onze ogen, die weldra overgaan in hagel en later in regen. De regen zal ons niet meer verlaten op deze dag.

De Lustwarande laten we links liggen. Dat is niks gedaan met deze kou. Even buiten Veenendaal doemt de Utrechtse heuvelrug op en mijn vermoeden wordt bevestigd dat we deze moeten oversteken. Bij Elst varen we de Nederrijn over. We staan met z’n tweeën op die grote pont. Het lijkt wel of zelfs de automobilisten zijn thuisgebleven. De pontbaas informeert of we nog ver moeten. Aan de overkant hebben we ook weer het rijk alleen. Ook in deze tijd van het jaar is de Betuwe mooi. Bij Eck en Wiel varen we terug naar de provincie Utrecht.

Wijk bij Duurstede is nog ver weg. Halverwege bij de sluis n 14 vinden we een bankje. Josephine pakt haar thermosfles met heet water en vraagt: “Wat doen we eerst? Soep of thee?” “Eerst soep”, zeg ik en haal mijn thermosfles met heet water tevoorschijn, terwijl Josephine de hare weer opbergt.

Het bankje is helemaal beijzeld, maar ik heb de zitmatjes bij me en we genieten van de tomatensoep, respectievelijk champignonsoep. Ik moet ineens denken aan mijn scheikundeleraar, Koch, die de 3 aggregatietoestanden van water (H2O) uitlegt: De vloeistof water kan bij lagere temperatuur overgaan in ijs en bij hogere temperatuur in waterdamp. Wij bevinden ons tegelijkertijd in die 3 fasen: vast: het ijs waar we op zitten, vloeibaar: de regen die op ons hoofd valt en gas: de damp die van onze soep komt.

Voordat we onze weg vervolgen, moet Josephine eerst het ijs verwijderen van de doorzichtige deksel van haar fietstas waar de kaart in zit. We maken een mentale notitie dat we voortaan bij de wisseling van seizoenen de zonnebrandolie moeten vervangen door een ijskrabber.

In Wijk bij Duurstede verwachten we wel een gezellig tentje. In De Engel neemt Josephine een warme chocolademelk en ik een cappuccino. Een man aan een belendend tafeltje zegt dat we niet zo’n goede dag hebben uitgekozen om te fietsen. Ik leg uit dat we altijd gaan als we afgesproken hebben.
We leggen onze natte kleren op de verwarming en eten een heerlijk speculaasje. Na 2 bakkies moeten we er toch weer aan geloven. “Het is nu nog maar een klein stukje” zegt Josephine bemoedigend. Als we na Wijk bij Duurstede de Lek overgestoken zijn, moeten we via een brug het kruisende Rijnkanaal oversteken. Daar staat een bordje met Culemborg 11 kilometer. “Ik vind dit geen klein stukje meer, de teller staat al op 30 en mijn benen zijn helemaal verzuurd.” “En ik vind dat we al lang die 40% neerslag hebben gehad.” Gelukkig rijden we halverwege door Zoelmond. Hoeveel mensen kunnen zeggen dat ze in Zoelmond zijn geweest?

Onze voeten zijn drijfnat. Toch rijden we om de plassen heen onder het motto: “Ze hoeven niet nog natter te worden.”
Een paar kilometer voor Culemborg vliegt er parallel aan ons in de lengterichting van de sloot een ijsvogeltje. Het prachtige blauw steekt fel af tegen de grauwe achtergrond.

Voordat we de laatste loodjes af gaan leggen, zet Josephine een kopje thee met het hete water uit haar thermoskan. We kiezen een muurtje voor een mooi landhuis uit om even uit te blazen.
Op het station hebben we snel een trein en in Utrecht hoeven we alleen nog maar het perron over te steken voor de sprinter. Door de conducteur worden we naar een ander balkon gedirigeerd, omdat het balkon waarop we aansturen, vol is. Later in Gouda, als ik uitgestapt ben om de trein naar Nieuwerkerk te nemen, kijkt hij vragend beurtelings naar mij en naar Josephine die in de trein is achtergebleven. Ik leg hem uit waarom onze wegen zich hier scheiden en en passant vertel ik hem van onze pontjeshobby. Als ik de deuren van de sprinter zie dichtgaan, waarschuw ik hem dat de trein zonder hem gaat vertrekken. “Die vertrekt pas, als ik het wil” is zijn commentaar. Duidelijk een man die zich bewust is van zijn macht.

Als ik thuis de fiets naar binnen rijdt, heb ik maar één wens: warm badwater.

Maar... 3 pontjes gedaan en nog 77 te gaan.

7 opmerkingen:

Josephine zei

Je laat een natte dag mooi klinken.

Marijke zei

Ha Bettie,

ik kreeg het helemaal koud van de foto van jullie-op-het-bankje. Overigens hebben we toen ik klein was eens een vakantie in gezinsverband doorgebracht in Zoelmond. Er komt dus wel degelijk wel eens iemand ....

Anoniem zei

Hi Bettie,

Ga lekker zo door, leuk om te lezen. Je bent in ieder geval met de Koningin van de Rivier overgestoken! De Regina Fluminum. Kijken jullie ook eerst nog op de DVD naar de pontjes die je gaat doen, of liever gezegd wilt gaan doen?

Veel succes met de volgende pontjes!

Groetjes,

Menno

Anoniem zei

Hoi Bettie,

sommige dingen gaan altijd door, zoals jullie fietstochten. Ik denk in dit jaargetij voornamelijk aan warme haardvuren en zo. Maar al lezend voelt het of ik achterop de fiets zat. Tot de volgende (koude) tocht.

groet,
Arina

Anoniem zei

Hallo Bettie,

Wat een dappere dames zijn jullie. Zo vastberaden doorgaan, ondanks regen en kou.
Ik ben trots op jullie;-)

groetjes.........Marjan.

Anoniem zei

Hoi Pipeloi,

Geweldig verhaal, ik kreeg tijdens het lezen zelfs het gevoel dat mijn handen warm werden van de thee en soep. Gelukkig bleven wel mijn tenen warm.
Ik zag dat er meer mensen een afspraak maken voor klaverjassen, dan vraag ik hierbij een paar data voor de reguliere klaverjaswedstrijd.

Groetjes, Nel

Aaltje Rusch zei

Ha pontjesbedwinger,
Het zijn toch altijd leuke verhalen. Ik heb nog wel een vraagje. Hoe doe je dat met de onderstreepte woorden die verwijzen naar een foto o.i.d. Dat zou ik ook wel eens willen proberen, maar ik weet niet hoe. Mijn oude blog heb ik verwijderd. We doen nu de echte cursus van 23 dingen en dat moest hangen aan een gmail adres. Mijn nieuwe blog is www.takkenbos-fagot.blogspot.com . Wat ga je schrijven als de pontjes op zijn?